
Alberto Contador: Tourwinnaar in tranen


Alberto Contador werd op 6 december 1982 in Madrid geboren. Korte tijd later verhuisde het gezin naar het dorpje Pinto. Alberto was de derde van vier broers en het was zijn oudste broer die hem stimuleerde om te gaan fietsen. Al snel bleek dat hij vooral bergop heel goed was en zijn teamgenoten gaven hem de bijnaam ‘Pantani’. Alberto kwam uit een eenvoudig gezin waar alle aandacht uitging naar zijn jongste broer, die een aangeboren hersenafwijking heeft en 24 uur per dag hulp en verzorging behoeft.
Toch zagen zijn ouders en oudere broers ook kans Alberto te steunen toen bleek dat deze wel degelijk een bijzonder talent had. Op zijn zeventiende won hij zijn eerste jeugdwedstrijden en op zijn twintigste werd hij Spaanse kampioen tijdrijden bij de jongeren. In 2003 kreeg hij een profcontract aangeboden bij ONCE en in dat eerste jaar bij de profs won hij een tijdrit in de Ronde van Polen en werd hij vierde in de Ronde van Castilla y León.
Er leek een prachtige wielertoekomst voor hem weggelegd tot op een dag in 2004 alles veranderde. Tijdens een etappe in de Ronde van Asturië kreeg Contador plotseling stuiptrekkingen en hij viel van zijn fiets. Hij werd in het ziekenhuis opgenomen en behandeld. Kort daarop gebeurde echter hetzelfde tijdens een trainingsrit. Weer werd Contador opgenomen en uiteindelijk werd een aangeboren afwijking van de bloedvaten in de hersenen geconstateerd. Na een operatie en een lange herstelperiode kon Contador in 2005 weer aan fietsen gaan denken. Maandenlang trainde hij hard om weer op zijn oude niveau te komen. Zelf ziet hij de eerste overwinning die hij na zijn operatie behaalde, in de ronde van Australië in 2005, als de mooiste overwinning van zijn leven. Daar kunnen zelfs de drie Tourwinsten niet aan tippen.
Contador’s naam werd enigszins bezoedeld toen zijn naam genoemd wordt in de beruchte dopingzaak ‘Operación Puerto’. Al snel bleek echter dat Contador zelf niets te maken had met de dopingpraktijken maar dat hij als getuige werd opgeroepen omdat zijn ploegleider en de arts Eufemanio Fuentes wel betrokken zijn. Fuentes zou in de rechtszaak verklaren dat Contador nooit bij hem was geweest voor doping.
Doping speelde ook een rol bij zijn eerste Tourwinst in 2007. Het was Contador’s tweede Tour (in 2005 was hij 31e geworden bij zijn debuut) en drie dagen voor het einde stond hij tweede in het klassement. Rabobank-renner Rasmussen, die aan de leiding ging, werd echter uit de Tour gezet wegens verdenking van doping-gebruik en zo kreeg Contador de gele trui om de schouders.
De kans om op eigen kracht te winnen werd hem in 2008 ontnomen. Contador reed inmiddels voor de ploeg Astana en die ploeg werd in 2008 uitgesloten van Tourdeelname wegens dopingproblemen in 2007. Contador bewees zijn stijgende niveau echter met winst in de Giro de Italia én de Vuelta de España. Daarmee werd hij één van de weinige wielrenners die alle drie de grote ronden won.
2008 bracht eindelijk die gewenste échte Tourwinst. Hoewel Contador gedurende drie weken moest strijden tegen alles en iedereen, omdat de meeste van zijn teamgenoten op de hand waren van medekopman Lance Armstrong, was hij met afstand de beste. De timide en gesloten Contador was in het mediaspel weliswaar geen partij voor de geboren leider Armstrong maar op de weg gaf hij iedereen het nakijken.
In de editie van 2010 ging het geheel anders. Met een ploeg die honderd procent voor hem werkte en vocht, wist hij na drie weken knokken als winnaar in Parijs aan te komen. Een overwinning die vooraf door iedereen verwacht werd maar die in de praktijk één van de moeilijkste uit zijn loopbaan werd. Zodat de tranen op het podium in Pauillac heel goed te begrijpen zijn.
Contador weet echter dat de Tour van 2011 opnieuw een lastige zal zijn omdat hij de te kloppen man is. Maar de man uit Pinto hoeft alleen maar even terug te denken aan de gebeurtenissen uit 2004 en dat sterkt hem altijd om door te gaan en alles te geven, net zoals hij dat zaterdag in de tijdrit deed.
Door: Bea Lutje Schipholt
.
De Week in Spanje 2010
De Week in Spanje 2009