Wilt u reageren, stuur dan even een email naar info@deweek.net

Rare woorden


 
Het Nederlands kent een aantal woorden waarvan Frederick zich afvraagt hoe die ontstaan zijn.
 
De wetenschap die zich bezig houdt met de herkomst van woorden heet etymologie. Maar Frederick gaat hier geen wetenschappelijke verhandeling houden. Hij gaat alleen maar een aantal woorden bespreken die hem onlogisch voorkomen.
 
Pindakaas. Dat is toch een rare combinatie van woorden. Pinda is te begrijpen. Maar om het smeersel kaas te noemen is toch vreemd. Dan is het Engelse peanut butter veel logischer.
 
Een van de allergrootste vissen is de walvis. Dat woord is toch ook in tegenspraak met zichzelf. Vissen bevinden zich in het water. Althans dat hebben ze het liefst, omdat dat de beste overlevingskans geeft. Als vissen aan de wal komen is dat hun einde. Zwaardvis is duidelijk. Een vis met een zwaard. Maar walvis? Een vis op de wal? Er deugt toch niets van zo’n woord.
 
Uitsmijter kennen we in twee betekenissen. De ene is de kleerkast, die lastige klanten uit het café of de disco slaat of smijt. Belgen hebben daar een prachtig woord voor. Daar heet die man de buitenwipper. En dat is in het Nederlands een beetje een dubbelzinnig woord. Het roept eerder romantisch dan agressief gedrag op.In de andere betekenis hebben we het over één of twee boterhammen met ei en ham of rosbief. Maar waarom dat uitsmijter genoemd is ontgaat Frederick. Maar Frederick is dan ook geen etymoloog.
 
Als iemand zich aanstelt of ergens bang voor is, dat niets voorstelt wordt hem of haar toegebeten “verman je!”. Maar het klinkt toch raar als je tegen bloedmooie vrouw zou zeggen: “hé meid, verman je.” En nog erger: stelt u zich voor dat ze gehoor aan uw verzoek geeft!
 
Iedere voetballiefhebber weet wat buitenspel is. Dat hoeft Frederick dus niet uit te leggen. Tijdens de wedstrijd, het spel, behoren alle spelers in het veld te staan.Buitenspel is dus alleen mogelijk op het veld. Hoe kan iemand dan buiten het spel staan als hij in het veld staat? Dit woord spreekt zichzelf toch volkomen tegen. Dan is het Engelse off side veel logischer.
 
Soutenir in het Frans betekent steunen. Daarvan is afgeleid het Nederlandse woord souteneur. Dus letterlijk ondersteuner, ofwel iemand die ondersteunt.Maar een souteneur, in het Nederlands, is een meneer die leeft van wat een prostituee verdient. Dus hij ondersteunt helemaal niet. In tegendeel, hij wordt ondersteund.Duidelijk een taalkundige miskleun volgens Frederick.
 
Wat Frederick ook zo raar voorkomt is de uitdrukking van piloten dat ze hun “kist” aan de grond zetten, refererend aan een optimaal geavanceerd toestel van een paar honderd miljoen euro.
 
Maar ook in de scheepvaart heb je vreemd taalgebruik. Wat vindt u ervan als men zegt dat het schip de haven binnen “loopt”?
 
Een meisje in de pubertijd is een puber. Maar er is nog een ander woord voor zo’n deerntje; het lichtelijk spottende bakvis. Geachte lezer, kunt u daar een touw aan vast knopen. Noch bak noch vis heeft iets met leeftijd of meisjes te maken.
 
Iets uit je hoofd leren is begrijpelijk en duidelijk. Maar je kunt ook zeggen dat je iets van buiten moet leren. En dat betekent hetzelfde als uit je hoofd leren. Maar van buiten? Dat slaat toch nergens op.
 
U ziet het, onze taal heeft vreemde kostgangers.
 
Frederick Fluweel
 

Onnozel


 
Wel eens gehoord van een onnozele bank? Frederick wel. Ja zelfs van twee onnozele banken. Of beter gezegd spaarbanken, want dat schijnt toch verschil uit te maken.
 
Mag Frederick u even voorstellen; Cajamadrid en Nova Caixa Galicia.
 
Iedereen die wel eens een lening, een bedrijfskrediet of een hypotheek heeft aangevraagd weet dat je die alleen maar krijgt als je met wiskundige precisie aan kunt tonen deze niet nodig te hebben. Dit in gedachten houdend zult u met stomheid geslagen zijn van het volgende verhaal.
 
In 2007 meldde zich de directie van het bedrijf Insoc Parking S.L. bij genoemde banken. Men had een briljant plan. In twee wijken van Madrid zouden twee grote parkings gebouwd worden.Men kon de grond aanwijzen waarop dit zou plaatsvinden met bijbehorend financieel optimistisch plan. Ieder van de banken werd een lening gevraagd van 26 miljoen euro. Want de zaken zouden, zoals gewoonlijk, groots aangepakt worden.
 
Insoc presenteerde de banken niet meer dan een verklaring van de gemeente Madrid waarin, in overigens weinig concrete bewoordingen, stond dat men zou gaan bestuderen of de plannen voldeden aan de voorwaarden om een bouwvergunning af te geven.
 
Er zou gebouwd worden op twee terreinen van 11.000 respectievelijk 2.500 m². Bijna surrealistisch is dat de terreinen, waarop de parkings gebouwd zouden worden, niet alleen niet aan elkaar grensden, maar bovendien grotendeels bebouwd waren. Het betrof niet meer dan onbebouwde stukken grond van genoemde terreinen. Ofwel bouwtechnisch gezien kon men er niet één parkeerplaats bouwen.
 
Met niet meer dan hun verhaal en de betekenisloze verklaring van de gemeente peuterde Insoc 52 miljoen euro los van beide spaarbanken.
 
In 2011, dus na vier jaar delibereren, besliste het gemeentebestuur van Madrid dat er geen bouwvergunning zou worden afgegeven, waarmee het hele plan in duigen viel.
 
Maar de lening werd niet terug betaald. Tot op de dag van vandaag is niet duidelijk waar het geld gebleven is, hoewel er natuurlijk sterke vermoedens uitgaan naar de directie van Insoc.
 
Door wanbeleid ook in andere zaken kwamen beide banken in moeilijkheden.De Spaanse overheid richtte daarvoor een organisatie op die Sareb genoemd werd. Sareb staat voor Sociedad de Gestión de Activos procedentes de la Reestructuración Bancaria of wel de instelling die het vastgoed beheert van banken in moeilijkheden. In de volksmond is Sareb beter bekend als “El Banco Malo”, de slechte bank.
 
Van de vorderingen die bij Sareb terecht komen is bekend dat zelden meer dan 10% geïncasseerd wordt.
 
Inmiddels is aangifte gedaan tegen bij de Spaanse Nationale Bank en bij het Openbaar Ministerie. Het OM mag op zoek gaan naar de directie van Insoc en het geld. De Spaanse Bank zal zich wenden tot de Centrale Europese Bank, die na moet gaan of beide spaarkassen hun boekje te buiten zijn gegaan door 52 miljoen euro te lenen voor een bouwproject waarvoor niet eens een vergunning was afgegeven.
 
U ziet het, geachte lezer, er bestaan onnozele banken. Helaas heeft Frederick er nog nooit een getroffen anders zou u deze wekelijkse column toegestuurd krijgen vanaf zijn onder Vanuatu (even opzoeken!) vlag varende jacht.
 
Frederick Fluweel